De 6-jarige oorlog met mezelf

Vanavond om 22 uur stopt jouw klok met tikken. Heb je je leven geleefd tot het uiterste? Ben je omringd door mensen die je liefhebt? Was jouw eerste kus één die je nooit zal vergeten? Ben je tevreden met wat je hebt of is het meeste nog niet genoeg? Stel je voor dat je maar tot 22 uur de tijd had, wat zou jij nog doen voor dat je klok stopt met tikken en je moet loslaten? Moeilijk of niet? De tijd tikt, het is bijna voorbij. Tik tak TIK tak TIK TAK...

0Likes
0Comments
686Views
AA

2. Het begin van het einde

 

Het eerste wat ik kan vaststellen is de geur. Een bekende geur, een ziekenhuis geur. Ik weet niet wat me nog in leven houdt in die zo goed als dode lichaam. De kanker zit overal.

Ik hoor de dokter tegen mijn ouders praten en ik doe alsof ik nog slaap. Mama snikt. ‘Als ik jullie was zou ik me nu voorbereiden op het ergste, deze keer zal het niet lang meer duren.’ Dat is de stem van dokter “ik-zal-doen-wat-ik-kan” ook wel bekend als dokter de Naeyer.

Ik open langzaam mijn ogen en ik zie mijn ouders en dokter “ik-zal-doen-wat-ik-kan” in mijn ziekenhuiskamer staan. Mama is aan het wenen en papa wrijft over haar rug terwijl hij geconcentreerd naar de dokter luistert.

Déjà vu.

‘Ik zal doen wat ik kan, maar ze heeft niet veel dagen over. Ik kan jullie ook niet beloven dat ze de nacht zal halen.’ Ik kijk naar de klok die aan de overkant van mijn bed hangt. Het is 8 uur ’s ochtends.

Wat is de nacht? Hoeveel uur voor de pijn stopt? Hoelang nog tot het einde? Mama ziet dat ik wakker ben en haast zich naar de kant van mijn bed. Ze probeert een glimlach te vormen, maar dat lukt niet. Ze pakt mijn hand en begint te huilen. Dokter “ik-zal-doen-wat-ik-kan” komt aan de andere kant van mijn bed staan en glimlacht naar me met een ietwat geforceerde grijns. ‘Goedemorgen, Goudbloempje. Wat ben ik blij je te zien.’ ‘Ook al zal het waarschijnlijk de laatste keer zijn, of niet soms, mijn liefste dokter?’ vraag ik hem. Mama stopt met wenen en kijkt me met opgezwollen ogen aan. ‘Wat zeg jij nu? Waarom zou het de laatste keer zijn?’ Ik kijk mama vol medelijden aan en vertel haar dat het ooit zal gebeuren; we weten allemaal dat ik niet lang meer te leven heb en dat ik voel dat hij bijna tijd is. ‘Alles lijkt lichter mama, de zon straalt zo hard dat alles lichter lijkt te zijn.’

Ik sluit mijn ogen, adem diep in en beeld me een weide in, een immens grote weide met oneindig veel bloemen. De zon straal en de zomergeur overheerst. Ik ga op de grond liggen en geniet van de zon die op mijn gezicht schijnt. Ik sluit mijn ogen, adem diep in, maar de zomergeur verdwijnt langzaam en de bekende ziekenhuis geur dringt terug binnen. Mama kijkt geschrokken met tranen in haar ogen. Ik grijns. ‘Maak je geen zorgen, ik ben nog niet weg. Maar het zal niet lang meer duren mama. Je zal me los moeten laten als het zover is.’

Mama zet zich recht en kijkt me boos, maar ook bang aan: ‘Hoe durf je zoiets te zeggen!’ schreeuwt ze uit. ‘ Hoe durf je te zeggen dat het bijna gedaan is! Hoe durf je na zes jaar te zeggen dat het gedaan is! Je bent verdomme nog maar achttien jaar, Cathalina! Je bent nog nooit verliefd geworden, je hebt nooit ruzie met ons gemaakt, je bent nog nooit alleen naar de film kunnen gaan! Hoe durf je te zeggen dat het bijna gedaan is en dat ik je ga moeten loslaten! Ik ben je moeder, ik ga je nooit los laten!’ Ze zakt ineen en grijpt mijn hand vast. ‘Het is niet eerlijk’, fluistert ze al snikkend. ‘Het is niet eerlijk dat zo een goed kind zo vroeg moet sterven. Zeg me na zes jaar alsjeblieft niet dat je wilt opgeven Cathy.’ De tranen vloeien van mama’s gezicht, maar deze keer kan ik haar niet beloven dat alles goed komt. Er verschijnt een brok in mijn keel wanneer ik iets probeer te zeggen. ‘Ik geef niet op mama. Ik zou nog jaren door willen gaan als dat jou gelukkig maakt, maar mijn lichaam is met elke seconde verder aan het afsterven. Elke seconde is een seconde minder van mijn leven, een seconde minder dat ik deze helse pijn moet doorstaan. Ik geef niet op, ik laat los. Het is een groot verschil mama. Opgeven is niet meer willen vechten. Los laten wil zeggen dat ik door heb dat er niets meer te doen valt.’

Ik kijk naar papa die al de hele tijd op dezelfde plaats staat als toen de dokter zei dat het bijna tijd was. Ik zie hem tegen zichzelf praten. Ik weet niet wat hij zegt, maar hij boos, teleurgesteld.

Het is allemaal mijn schuld. Het is mijn schuld dat mijn ouders zo zijn geworden.  

Join MovellasFind out what all the buzz is about. Join now to start sharing your creativity and passion
Loading ...