De rus

Synopsis: Marco Hendriks, een jonge Amsterdammer, wordt politieagent in Amsterdam en belandt in het criminele milieu. Hij wordt benaderd door John Jacobs, de chef van de Criminele Inlichtingendienst (CID), die hem laat infiltreren in de Joegoslavische maffia. Jacobs verzamelt belastende informatie tegen hooggeplaatste figuren en krijgt steeds meer macht in de politieorganisatie. Op een gegeven moment vindt commissaris Edwin Bloem, een vriend van Jacobs, het welletjes. Jacobs is een gevaar voor de rechtsorde en moet worden gestopt. Maar het lijkt te laat te zijn. Door zijn terreurbewind is Jacobs oppermachtig.

0Likes
0Comments
1109Views
AA

17. Het hoofdkantoor in Belgrado

Hoewel Luka Pukanic sinds november 1992 in Belgrado woonde om uit handen van de Nederlandse justitie te blijven, was hij nog steeds erg betrokken bij de Amsterdamse onderwereld. Zo had hij nog een appeltje te schillen met Roy Lommers en Freddie Olivier, die in november 1990, vlak na de moord op Adnan Anovic, een partij drugs van de Joegoslavische maffia hadden gestolen die bestemd was voor de Egyptische broers Adofo en Bomani Hafez. Van Henk Blok, een van de leiders van de Delta-bende, had hij nog drie ton tegoed, en tot nu toe had Blok die geweigerd te betalen. Dat vroeg om een adequate reactie. Ook moest er nog een rekening worden vereffend met Bertje Zuidland, zijn zwager, die hem had besodemieterd door een miljoen van hem achterover te drukken en in 1993 een interview had gegeven met een weekblad, waarin hij een boekje open deed over de Joegoslavische maffia. Bovendien was Bertje beste maatjes met Kenny Jones, de vuile klootzak die tegen Marco Hendriks had getuigd en hem had aangewezen als de dader van de moord op Paul de Wit.

Luka maakte zich zorgen om Marco. Hij werd helemaal bajesmaf daar in de EBI in Vught, en nu had zijn vrouw hem ook nog besodemieterd met Paul Gavrilovic. Deze kwestie was bijzonder pijnlijk omdat Gavrilovic familie van hem was. Direct nadat Luka Amsterdam had verlaten was de Joegoslavische maffia in paniek geraakt. Sommige bendeleden waren trouw gebleven aan Luka en zijn plaatsvervanger Silviu Ungureanu, anderen hadden zich bij losse groepjes aangesloten, die elkaar tot overmaat van ramp bestreden. Dat was een probleem waar hij op korte termijn een oplossing moest vinden, want hij was financieel in hoge mate afhankelijk van het geld dat via Amsterdam binnen kwam. Luka belde af en toe met de secretaresse van Marco’s advocaat Bennie Frei, om te vragen hoe het met Marco was en of er nog iets gebeurde om hem uit de bak te krijgen. Bennie had zijn secretaresse opdracht gegeven geen details los te laten, want hij was in het diepste geheim bezig met een strategie die inhield dat hij eerst hoofdinspecteur John Jacobs wilde laten veroordelen voor corruptie, manipulatie en het aanzetten tot moord, op basis waarvan de zaak tegen Marco kon worden herzien.

Luka Pukanic kwam er achter dat Bertje Zuidland in 1995 in Amsterdam een bedrijfje had opgericht. Hij scharrelde wat in onroerend goed en gebruikte deze activiteit om drugsgeld van anderen wit te wassen. Op 15 juni 1998 werd Bertje ’s ochtends om half acht in zijn kantoor doodgeschoten. Niet alleen had Luka Pukanic wraak genomen, ook had hij daarmee een signaal afgegeven aan de Amsterdamse onderwereld dat hij nog steeds in de running was en dat er ernstig met hem rekening moest worden gehouden. Het gevolg was dat een deel van de oude, uit elkaar gevallen Joegoslavische maffia weer nader tot elkaar kwam en bereid was weer met elkaar samen te werken. Dat was één van de eigenschappen van het Slavische volk: het voelde zich het best wanneer het met de knoet werd geregeerd.

Toen Kenny Jones een paar centen te besteden had gaf hij de huurmoordenaars Carlo Dreesmann en Daniël Dusseljee opdracht om Silviu Ungureanu uit de weg te ruimen, als vergelding voor de liquidatie van zijn maatje Bertje Zuidland. De liquidatie werd uitgevoerd in Amsterdam-Osdorp op 1 juli 1999. Dreesmann en Dusseljee werkten doorgaans met vuurwapens, maar Dreesmann wilde – tegen de zin van Dusseljee – wel eens met explosieven experimenteren. Het werd een complete mislukking. In de eerste plaats hadden ze zich vergist in de auto, die niet van Ungureanu was maar van zijn naaste medewerker Alex Rukavina. In de tweede plaats stapte niet Rukavina in de auto, maar diens 26-jarige vriendin Monica de Vries, die vervolgens werd opgeblazen. Monica was op slag dood. Kenny Jones eiste zijn geld terug, maar bond in toen Carlo Dreesmann en Daniël Dusseljee dreigden hem om te leggen.

Vervolgens werd op 9 december 1999 Kenny Jones neergeschoten voor zijn huis in Amsterdam. Hij werd geraakt in zijn lever en zijn maag, maar wist de aanslag te overleven. Luka Pukanic was woedend op de gasten die hij de opdracht voor de aanslag had gegeven. Hij had de verrader van zijn maatje Marco uit de weg willen ruimen, maar de bastaard leefde nog. Knoeiwerk!

Op 23 september 2000 werd Henk Blok op de Haarlemmerdijk van achteren in het hoofd geschoten. Hij overleed ter plaatse. Geld maakt niet gelukkig, dacht Luka Pukanic. Hoewel de meeste mensen wel geloofden dat deze liquidatie was uitgevoerd door de Joegoslavische maffia, verspreidde hoofdinspecteur John Jacobs in het kader van het “tactisch lekken” het gerucht dat Karel Lauffer erachter zat. Toen Freddie aan Karel vroeg of dat waar was, antwoordde Karel: “Tja, wie weet…” Freddie kende Karel niet. Karel was een sluwe, maar angstige man, een man die weliswaar in staat was om iemand opdracht te geven een vijand te vermoorden, maar dat zelden ook echt deed. Waar hij op uit was was vrees, mensen die bang voor hem waren, en door te weigeren de suspense te ontkrachten, en zelfs door er aan mee te werken om die suspense in stand te houden, werden bepaalde personen in de Amsterdamse onderwereld bang voor hem, en dat was Kareltje Lauffer’s enige doel. Het gerucht leidde er uiteindelijk toe dat Freddie Olivier de banden met zijn nieuwe maatje Lauffer verbrak. Die was heel teleurgesteld in het feit dat Freddie de valse beschuldiging heel serieus nam en zinde op wraak omdat Freddie niet in staat was de vriendschap hoger te waarderen dan de geruchten. Jacobs gniffelde. Wat was schaken toch een fascinerende sport… Jacobs kende Karel Lauffer als geen ander en hij wist dat Karel geen held was. Maar die wetenschap was niet in het belang van zijn doel: hem achter slot en grendel brengen. Dus ging hij mee in Karel’s suspense en presenteerde hij hem zoals Karel zichzelf graag gepresenteerd zou zien in de onderwereld: als een levensgevaarlijke man, zonder genade, die maar hoefde te kikken om je te laten omleggen. De mensen die hem echt kenden wisten wel beter. Karel Lauffer had er alle belang bij om de mythe van Karel Lauffer levend te houden. Dat anderen met die mythe aan de haal gingen en allerlei moorden aan hem toeschreven, paste precies in Karel’s straatje.

Op 10 oktober 2000 werd de 40-jarige Roy Lommers geliquideerd op het Gelderlandplein in Amsterdam. Lommer’s lijfwacht wilde wat geld van Lommers om een TV te kopen, want hij verveelde zich. Maar de zuinige Lommers zei dat hij nog ergens een TV had staan. Die zouden ze samen wel even ophalen. Toen ze Lommers’ flat op het Gelderlandplein verlieten om de TV in de auto te zetten, had de lijfwacht letterlijk zijn handen vol en was hij niet op tijd om de gewapende aanvaller neer te schieten. Luka Pukanic was tevreden. Lommer’s compagnon en vriend Freddie Olivier’s beurt kwam nog wel.  

Op 17 november 2000 werden de dertigjarige Zoran Delac en zijn Nederlandse vriendin vermoord in de Damstraat in Amsterdam terwijl zij in een Argentijns restaurant zaten te eten. Zoran had de fout gemaakt om na het vertrek van Luka Pukanic naar Belgrado een eigen organisatie op te richten, die concurreerde met Luka’s organisatie. Luka had hem de kans geboden om met hem samen te werken, maar Zoran wilde daar niets van weten. En nu was hij dood. Zo jong nog.

Op 26 februari 2001 werd Freddie Olivier beschoten op de Keizersgracht, voor de deur van zijn advocaat Richard Bax. Olivier overleefde de aanslag en vluchtte vrijwel onmiddellijk naar Thailand.

In Amsterdam wist men nu wel dat het verstandig was om rekening te houden met de Joegoslavische maffia, maar er waren twee mensen die daar niet van overtuigd waren en zich oppermachtig voelden: Karel Lauffer en John Jacobs. En vooral Jacobs had alle redenen om zich zorgen te maken, want Luka Pukanic had zijn doodvonnis getekend: Jacobs moest dood omdat hij Marco Hendriks erin had geluisd.

Join MovellasFind out what all the buzz is about. Join now to start sharing your creativity and passion
Loading ...